Ontslagen, wat nu?

Ontslagen zijn helaas aan de orde van de dag en de kans dat je er zelf bij hoort is levensgroot aanwezig. In een sociaal plan spreken werkgever, vakbonden en OR af hoe ontslagen medewerkers worden gecompenseerd.



Afspiegelingsbeginsel: wie staat het eerst op straat?

Werkgevers moeten bij ontslagaanvragen tegenwoordig het afspiegelingsbeginsel toepassen. Dat houdt in dat men het personeelsbestand dient op te delen in leeftijdscategorieën (15-25 jaar, 25-35 jaar, 35-45 jaar, 45-55 jaar en 55 jaar en ouder). Bij ontslag moet binnen elk van die leeftijdsgroepen een anciënniteitsbeginsel op basis van lifo (last in first out) worden gehanteerd. Collega's met het minste aantal dienstjaren binnen de groep gaan er als eerste uit. Een simpele rekensom leert dus hoe groot de theoretische kans is dat je ontslagen wordt. Als er (bijvoorbeeld als gevolg van een algehele bedrijfssluiting) sprake is van collectief ontslag, dan geldt uiteraard het afspiegelingsbeginsel niet.

Opzegtermijn

Belangrijk bij ontslag is uiteraard ook de opzegtermijn die partijen in acht moeten nemen. Neem je zelf ontslag, dan kan dat al één maand na de opzegging, maar je baas dient, afhankelijk van de tijd dat je bij hem in dienst was, een termijn van één tot zes maanden in acht te nemen. Overigens gelden bij jaarcontracten afwijkende regels voor opzegging.


WW-uitkering en ontslagvergoeding

Om voor een WW-uitkering in aanmerking te komen is tegenwoordig niet meer vereist dat je verweer voert tegen je ontslag. Of je al dan niet een uitkering zult ontvangen wordt beoordeeld door CWI en UWV. Wie toch bezwaar wil maken tegen zijn ontslag, kan dat doen bij de kantonrechter. Die kan je werkgever bijvoorbeeld verplichten om een ontslagvergoeding aan je toe te kennen. De hoogte van zo'n vergoeding, ook wel ‘gouden handdruk' genoemd, wordt in de regel bepaald volgens de kantonrechtersformule. Dat is een rekenmethode waarbij op basis van het aantal dienstjaren, het salaris en soms een correctiefactor, de hoogte van de gouden handdruk wordt becijferd.




Fiscale gevolgen gouden handdruk.

 Je ontslagvergoeding in één keer laten uitkeren, kan erg nadelig zijn omdat dan een fiscale inhouding tot maximaal 52 % denkbaar is. Wie zijn gouden handdruk door zijn werkgever laat overboeken naar een verzekeraar, kan er een stamrechtkonstruktie voor afnemen. Een stamrecht geeft recht op een periodieke uitkering ter vervanging van gederfd loon, bijvoorbeeld als aanvulling op een WW-uitkering of een latere pensioenuitkering.

WW-uitkering

Is het ontslag eenmaal een feit en sta je daadwerkelijk op straat, dan kan je in de regel aanspraak maken op een WW-uitkering. De duur van een ww-uitkering is gerelateerd aan je arbeidsverleden. Elk arbeidsjaar geeft daarbij aanspraak op één maand uitkering. Maximaal bedraagt de uitkeringsduur van de WW 38 maanden.

Gedurende de eerste 2 maanden ontvang je 75 procent van je laatstverdiende salaris in 2009, maximaal ca. 2.976 euro bruto per maand. De resterende maanden tot het eind van de WW-uitkering is de uitkering 70 % van het laatstgenoten salaris, maximaal ca. 2.777 euro bruto per maand.